de Punische oorlogen
Verschillende verslagen van veldslagen uit deze oorlogen
Door enkele fanatici is al een reeks slagen gespeeld uit de Punische oorlogen. Omdat er een duidelijk verband is tussen de verschllende slagen, worden de verslagen van deze veldslagen bij elkaar gezet, ter vermaak ende lering.
Ave,
Gercus Caput Blocco, Robertus Walbrechtus Robustus en Martinus Magnus Patser speelden de Romeinen. De slag speelde zich vrij laat in de tweede Punische Oorlog af, wat betekende dat de troepen al aardig ervaren waren - veel beter dan de dienstplicht-prut waarmee ze aan het begin van de oorlog nederlaag na nederlaag wisten te incasseren (maar overigens nog steeds niet zo devastatingly dodelijk als een eeuw later in de tijd van Caesar en daarna).
Behalve een klein contingent boogschutters en de traditionele handvol cavaleristen, bestond het leger vooral uit legionairs, in die periode verdeed in drie groepen: velites (lskirmishers) en manipels zware infanterie: hastati en principes (gewapend met de pilum, de zware werpspeer, pantser en groot schild) en triarii (met lange speren).
Deze laatste troepen hadden twee belangrijke voordelen: ze waren erg mobiel (ze moge reformen en moven tegelijk) en konden de manipels, die achter elkaar stonden opgesteld, afwisselen in dde strijdlinie, zodat er steeds verse troepen in de voorste linies stonden. In Warhammer Ancient Battles is dat op een eenvoudige, ellegante manier weergegeven, wat werkelijk ook werkt zoals het werkte. Op de foto's kun je de getrapte Romeinse linie zien. Het was in deze slag een belangrijke factor.
De romeinse cavalerie met de Magister Equitum stond op de linkerflank opgesteld, de legioenen in een lange line twee eenheden diep met de triarii op de flanken en de skirmishers en boogschutters in een lange linie voor de zware troepen.
De Carthagers. gespeeld door Janno Willemo, Jeroenbal en Maxo (was het toch?), waren het gebruikelijke, zeer gemengde leger dat typisch voor de Carthaagse legers in Italie. De basis waren twee eenheden Lybo-Phoenicische (Afrikaanse) infanterie, vier diep, zwaar gewapend met lange en bepantserd, het puikje van het Carthaagse leger.
Aan hun rechterflkank werden die achtereenvolgens gesteund door Spaanse infanterie (lichtbepantserd, maar hard in de eerste gevechtsronde), Italische bondgenoten, de goed getrainde en bewapende Carthaagse zware cavalerie en een grote eenheid van de zeer gevreesde, lichtbewapende maar uiterst wendbare Numidische ruiterij.
De Carthaagse linkerflank bestond uit twee grote, indrukwekkende gallische warbands te voet en een eenheid gallische ruiterij. het geheel werd verdedigd door enige eenheden skirmish-slingeraars en twee katapults.
De slag volgde in eerste instantie een grotendeels traditioneel patroon. De Romeinen rukten langzaam op, terwijl de overmoedige Romeinse ruiters trachtten de bereden rechterflank van de Carthagers te benaderen.
De Carthaags cavalerie ging die slag gaarne aan met groot succes: binnen een spelronde ging was eenzame ruiter, vergezeld van de Prefect der Cavalerie, in volle galop op weg naar Rome om de daanstaande overwinning te verkondigen.
De Numidiers maakten intussen korte metten met de Velites die zich in het flankerende bos hadden genesteld, waardoor de Romeinse linkerflank bedreigd werd en de mogelijkheid tot een rugaanval door de victorie kraaiende Carthaagse ruiterij niet meer denkbeeldig was. Gelukkig had het Romeinse bevel reeds met grote tegenwoordigjheid van geest op de linkerflank enkele eenheden infanterie trager laten oprukken en zich laten voorbereiden om flank en rug te dekken tegen een cavalerieaanval.
Ondertussen was op de Carthaagse linkerflank de Gallische infanterie snel in gevecht geraakt met de Romeinse dapperen op de Romeinse rechterflank. Een langdurig gevecht ontspon zich, waarbij Gallische eenheid op de Carthaagse uiterste linkerflank spoedig brak en werd geelimineerd, maar de andere dapper standhield en zelfs doorbrak: de Romeinse getrapte slaglinie bleek hier van cruciaal belang en niet voor het laatst werd het lot van Rome beslecht door de klaarblijkelijk uiterst effectieve manipulaire formatie.
Op de Romeinse linkerflank was het romeinse bevel door de cavaleriedoorbaak van de Carthagers genoodzaakt geweest om twee eenheden om te laten keren om de rug van de Romeinse linie te dekken. Daardoor werd diepte van de frontlinie beperkt tot een eenheid principes.
De Carthagers roken hun kans en gaven opdracht tot een aanval over de volle lengte van hun centrum en rechterflank, op dit moment waarop de Romeinse linkerflank op zijn zwakst was. Alle infanterieenheden van de Carthagers chargeerden en wisten het gevecht aan te gaan, met uitzondering van de Italianen op de uiterste rechterflank, die net buiten het gevecht bleven omdat de Romeinen in dat deel van de slaglinie, in de rug bedreigd door de Carthaagse en Numidische ruiterij, de pas had vertraagd. Het gevecht voltrok zich, nu over de ganse linie van het veld van eer.
Op de Romeinse rechterflank had nu ook de Gallische ruiteri zich in het gevecht gemengd, waarna ook de velites zich, enkel gewapend met een dolk of zwaard en werpspies en bepantserd met een wolfskop op het hoofd, zich tussen de Gallische paarden wierpen en ze aanvielen door in hun benen of buik te steken of de pezen door te snijden. De gallische ruiters werden nu van drie kanten aangevallen.
Ondertussen maakten diverse Romeinse eenheden aan de rechterflank een omtrekkende beweging, maar langdurig hergroeperen alsook weerstand en vertraging door Gallische slingeraars voorkwamen vooralsnog dat zijn zich in het strijdgewoel konden mengen.
Op de Romeinse linkerflank wisten de Romeinen het initiatief te grijpen tegen de Italiers terwijl ook de triarii zich obnieuw omkeerden en zich voorbereidden om hun medeburgers in de frontlinie te ondersteunen - bij nader inzien bleek een eenheid hastati genoeg om de rug te dekken tegen de Carthaagse cavalere. Tegen de Spanjaarden wist een eenheid principes zich, ondersteund door triarii, goed te weren.
Het grootste gevaar bevond zich echter in het exacte centrum van de Romeise linie, waar een eenzame eenheid principes zich moest verweren tegen de beide eenheden in diepe linies opgesteld Afrikanen, waarvan een behoorde tot de gevreesde Afrikaanse veteranen.
Hier kan geen ander woord voor bestaan dan puur heldendom: die eenzame eenheid weerstond het geweld van de charge alleen, wist ondanks zware verliezen de linie te behouden en zelfs de kansen te doen keren: en plotseling, alsof Tanit zelf was tenedergeslagen door Mars' woede, brak de Carthaagse linie: niet op een plaats, maar over nagenoeg de volle lengte van het veld - slechts de Italische bondgenoten gaven nog zwak verweer, nog nauwelijks beseffend dat ook de machtige generaal der Carthagers, in wie zij zo veel vertrouwen hadden gesteld om hun zelfstandigheid te herwinnen, levenloos op het slagveld lag, terwijl de cavalerie verbijsterd en machteloos moest toezien hoe de toorn van Jupiter ten langen leste op het Carthaagse leger nederdaalde.
Vale
Martinus Magnus Patser Princeps Senatus
Een verslag uit de Punische Oorlogen
Gisteravond ontmoetten de heren Hannibal en Scipio elkaar, ieder vergezeld van 2500 punten aan uitgelezen ijzervreters. Een kort verslag:
De Romeinen besloten tot een traditionele opstelling in manipulaire formatie, twee rijen manipels diep en voorafgegaan door een dunne grijze lijn van velites. Niet overtuigd van de kwaliteiten van hun ruiterij stelden zij deze in het centrum achter hun infanterie op.
De Carthagers besloten de olifanten, beschermd door een haagje Spaanse skirmishers op de uiterste linkerflank te plaatsen, versterkt door een forse Gallische krijgsbende. Het centrum bestond uit drie solide blokken Lybische lansiers voorafgegaan door een bijna symbolisch rijtje speerwerpers en de rechterflank werd gevormd door de Spaanse infanterie met de Gallische en Numidische ruiterij op de uiterste rechterflank.
Carthago ging voortvarend van start. Olifanten en cavalerie zetten zich in beweging en de gehele linie voetvolk bewoog zich langzaam (maar achteraf toch nog iets te snel; domme warbands!) naar voren. De Romeinen beantwoordden deze zet met een even vlotte opmars. Op links raakten de velites al snel slaags met de Spanjaarden, terwijl op rechts de Numidiers rondjes renden om de Romeinse linkervleugel die, wellicht wat duizelig geworden, probeerde mee te draaien. Daarmee raakte men wat onderlinge steun kwijt en de Galliers namen de gelegenheid te baat om een frontale charge te doen op een geisoleerd manipel.
Inmiddels wisten de velites op de Romeinse rechtervleugel de Spanjaarden op de vlucht te dwingen maar stuitten bij de achtervolging helaas (voor hen) op de olifanten. Deze ontmoeting liep voor de velites niet goed af en de olifanten boorden zich bij de daarop volgende achtervolging in de legionairs van de Romeinse rechtervleugel.
De Gallische cavalerie hield zichzelf aardig op de been tegen de legionairs, maar aangezien het omgekeerde ook het geval was ontaardde dit in een bloedige meppartij van drie beurten lang, tijdens welke de Numidiers de rest van die vleugel wisten bezig te houden en de Romeinse cavalerie schoorvoetend dichterbij kwam.
De olifanten verpletterden vervolgens de Romeinse rechtervleugel en draaiden moeizaam af om zich op het Romeinse centrum te richten. Dat had inmiddels contact gemaakt met de Lybische lansiers en de Spaanse scutarii, de Carthaagse speerwerpers maakten zich ijlings uit de voeten en er ontstond een bloedig centrumgevecht. De Gallische krijgsbende handhaafde zich echter aardig terwijl de olifanten de Romeinse achterhoede onheilspellend naderden, de Gallische cavalerie liep de Romeinse linkervleugel onder de voet en ondanks het feit dat de Romeinen er nog in slaagden een eenheid Lybiers uiteen te slaan en de heer Hannibal zelf in het nauw te drijven brokkelden hun vleugels zienderogen af en zwenkten Carthaagse eenheden binnenwaarts om de omsingeling te gaan voltooien.
Het bordje "Cannae 2 km" werd door steeds dikker wordende stofwolken aan het zicht onttrokken.
Een bijzonder leuke pot die weer eens aantoonde dat het "in period" spelen van WAB Punische oorlogen hele leuke legers en mogelijkheden heeft en vooral door het gebrek aan skirmishers met lange-afstandwapens een heel ander spelletje oplevert dan je gewend bent.